Tag: Verpleegtehuis

Het Loerende Mannetje

(Als je op het plaatje klikt, gaat het kloppen)

We zitten in een het Lucas ziekenhuis, wachtend op het echofilmpje van haar hart – onderzoek naar mogelijk hartfalen. Dat is dat je hart het zuurstofrijke bloed niet meer goed rondpompt, zodat je koude voeten, koude handen, een koude neus krijgt. En in een gesprek snel buiten adem raakt. We wachten op onze beurt. Mijn moeder doet, om de tijd te verdrijven, het Loerende Mannetje na. Ze doet het goed.

Het komt zo.

Mijn ouders zitten in het Verpleegtehuis. De meeste mensen van hun afdeling zitten overdag in de Huiskamer. Het is niet mijn idee van een huiskamer, het doet mij denken aan een parkeerterrein voor menselijk wrakhout – al klinkt dat onbarmhartiger dan het bedoeld is. Maar ik ben blij ben dat mijn ouders in hun eigen kamer leven. Daarin staan wat eigen meubels – stoelen, kasten, schilderijen, het digitale fotolijstje, de Friese staartklok, boeken, platen, cd’s en de onvermijdelijke oudemansvriend: televisie. Ze hebben er een eigen plek.

Elke dag, tegen twaalf uur ’s middags, gaan mijn ouders naar de huiskamer voor het middageten. Daar heeft iedereen zijn vaste plaats. Mijn ouders hebben een plek aan de mannentafel toegewezen gekregen. Echtparen zijn in het Verpleegtehuis als witte raven: er zijn zoveel meer vrouwen dan mannen, dat er maar één tafel met mannen is – aan alle andere zitten vrouwen.  Mijn ouders – gemengd stel, in deze context – zijn aan de mannentafel geplaatst. Anders zou mijn vader zo heel erg tussen vrouwen zitten. Nu zit mijn moeder tussen de mannen.

De mannen negeren haar. Is het een stil verzet? Een onuitgesproken maar volmondig Nee! van mannen die geen inbreng hebben in een tafelgesprek dat sowieso niet meer gevoerd wordt? Op deze plek, waar de helft van de aanwezigen door een beroerte, de rest door dementie getroffen is, kom je daar niet meer achter. Maar hoe dan ook, op het Goedenmiddag van mijn moeder aan de heren krijgt ze geen antwoord. En zij negeer zij de mannen daarom ook. De middagmaaltijd wordt in stilte genoten. ‘Ik negeer hem,’ zegt mijn moeder over het Loerende Mannetje. ‘En hij negeert mij.’ Maar dat kan niet waar zijn. Want ze kan hem heel goed nadoen.

Ht klopt ook al niet omdat mijn vader het loerende mannetje ooit, bij de kennismaking, de hand heeft geschud. De hand geschud! Dat schept een band. Háár negeert hij, maar volgens mijn moeder is mijn vader sinds het handenschudden voor het loerende mannetje een held. Een rolmodel. Af en toe hangt hij in zijn rolstoel voor de deur van hun kamer en kijkt verlangend naar binnen. ‘Je laat hem er níet in,’ sist mijn moeder dan. En het verplegend personeel schiet te hulp. ‘Nee meneer, u mag hier niet naar binnen. Uw kamer is dáár, verderop.’ En zo wordt hij weggeloodst.

We zijn in het Lucas. Het is het tijd voor de echo van het hart. Dat klopt. Regelmatig. Gestaag. Al 91 jaar. Still going strong.

Verjaardag!

17 oktober 1923 werd mijn vader geboren – vandaag 88 jaar geleden. Het wordt feestelijk gevierd met bonbons, 15 jaar oude Glenfiddich single malt en een muismatje met het design van het Persisch tapijtje dat bij Sigmund Freud op de divan heeft gelegen (maar dan kleiner natuurlijk). De zusters zijn allemaal langs geweest om te feliciteren; de hele afdeling is aan de cake gegaan.

De grootste tractatie was echter wel dat de meneer van de technische dienst de schilderijen kwam ophangen. Ze stonden al die weken omgekeerd tegen de muur. Nu sieren ze de wanden van kamer 12.

Het is feest.

Onderkomen

Op 4 augustus verhuisden mijn ouders van verzorgingstehuis De Vier Dorpen naar verpleegtehuis Het Zonnehuis driehondetd meter verderop. Van een plek waar ‘wonen en zorg gescheiden zijn’ naar een plek waar ‘wonen en zorg zijn geintegreerd’. Zorg die beter zijn afgestemd op wat goed is voor mijn ouders. Maar je bent wel weer meer patient.

Een enorm voordeel is dat het niet meer zo hokkerig oogt: in plaats van een kleine huiskamer en een miniskule slaapkamer is er nu één grote leef- slaapruimte. Een studio, als je hip wilt doen. Dat voelt veel beter. En er zijn ruime deuropeningen en ruime gangen, zodat je met een elektrische roelstoel veel beter uit de voeten (of wielen) kunt. Mama gaat nu in de centrale hal haar kramtje lezen en buiten in de tuin naar de geitjes en vogeltjes kijken. Dat is een enorme verbetering.

Het Zonnehuis 80 Jaar

Het Zonnehuis Beekbergen bestaat 80 jaar, en dat moet gevierd. Ik ben er met mijn ouders heengegaan. Mijn vader werkt er 24 jaar langs als geneesheer-directeur. Hoewel hij al 29 jaar geleden met de VUT ging werd hij toch nog door veel mensen herkend en aangesproken: Ha dokter!

Er was een fototentoonstelling: in de gangen van Het Zonnehuis, hing 90 jaar aan foto’s ingelijst aan de muur. Zusters in wit gesteven rokken en kapjes. De sloop van de oude villa. De bouw van de nieuwe vleugel. Een damesvoetbalelftal uit de jaren 60 met het bemoedigende spandoek: Dames Maak Ze In!

Er waren ook een violist en pianist die muziek maakten en grotendeels door het aanwezige publiek genegeerd werden, zoals dat gaat op recepties. Maar dat wilde niet zeggen dat er geen aandachtig publiek was. Iemand had de rolstoel van een vrouw pontificaal voor de piano gezet. Ze kon niet zelf haar wagen besturen. Ze kon niet eens een kopje koffie zelf vasthouden. Maar ze genoot zo van de muziek – de mooie blauwe Donau van Strauss, de tweede wals van Sjostakovitsj, Cole Porter – dat ik er tranen van in mijn ogen kreeg.

Opgescheept met mrsa (ziekenhuisbacterie)

Op de afdeling van mijn ouders is de mrsa (‘ziekenhuisbacterie’) gevonden. En niet alleen op de afdeling, maar ook op mijn ouders.Meticilline Resistente Staphylococcus aureus) is een bacterie die ongevoelig is voor de meeste, gangbare antibiotica. En dus moeilijk te bestrijden. Besmetting met MRSA is vooral gevaarlijk voor mensen met een ernstig verminderde weerstand. Voor zorginstellingen, zoals ziekenhuizen en verpleeghuizen, vormt de bacterie dus een grote bedreiging. Lees verder

Kamer 16

Ze hebben geen spreekuur in het verpleegtehuis waar mijn moeder sinds een week woont – je mag de hele dag door op bezoek komen, maar dit is een schrale troost. Mijn vader komt elke middag langs – ook dit is slechts een schrale troost. Dat er vrij snel mensen voorhanden zijn om je naar de wc te brengen, is een schrale troost. Dat niemand je krant zal stelen omdat geen van de medebewoners een krant of een boek leest, is een schrale troost. Lees verder

Kerstlunch

Vandaag met mijn moeder naar de kerstlunch van de dagopvang van het verpleegtehuis in B. Als plaatsvervanger, want mijn vader wilde niet mee wegens onlangs opgelopen pleinvrees. In dat verpleegtehuis heb ik als meisje “Ik zie een poort wijd open staan” gezongen voor oude zieke mensen. Dat gaf toen een heel goed gevoel. Lees verder

© 2022 Hannah van Herk

Boven ↑